Slot: Dominee hèt een meid! Een interview

Interview uit 1992 door Ruth Winsemius

Lidy Laurense-van der MeulenHet verhalen vertellen zit tot haar eigen verbazing in haar bloed. Van haar losse, sterk relativerende vertelstijl konden de ADW-lezers vier jaar lang maandelijks genieten. Zr. Lidy Laurense-van der Meulen houdt er nu mee op. ‘Je moet niet te lang doorgaan met zoiets’, vindt ze. En bovendien had ze de ongewone ‘gewone’ gebeurtenissen in de laatste standplaats die ze als predikantsvrouw in actieve dienst had, nu beschreven. Lees verder

44. Gebed voor de trein

Sappemeer 1974-1978

willibrordus sappemeerTegenover ons huis staat de rooms-katholieke kerk. De paro­chie is al enige jaren vacant. De pastorie wordt bewoond door een aantal vrouwelijke religieuzen. Eén van haar is pastoraal werkster en admini­stratrice van de parochie.
Op een morgen, begin december 1975, komt deze zuster langs­fietsen. Ik houd haar aan, want ik heb enige mede­delingen over de aanstaande kerstzangdienst.
”Ik heb weinig tijd want vandaag is onze congregatie­vergadering in Utrecht en ik moet ruim tijd nemen om er te komen.”
Er rijden bussen tussen Assen en Hoogeveen, want in het eenzame ontginningsgebied bij Wijster staat al twee dagen een trein – gekaapt… Lees verder

43. Betaalde liefde

Sappemeer 1974-1979

2804978733[1]Achter de pastorie stond tot vijftig jaar geleden een kosterij met daar­achter een paardenstalling. Beide zijn afgebroken en op de funda­menten van de stal verrees de moderne opvolger: een carport. De afmetingen waren echter op paarden be­rekend, zodat achter onze auto nog genoeg ruimte overbleef om oude kranten en vodden op te slaan. Die wer­den ver­zameld ten bate van het orgelfonds. Lees verder

42. Een duif in de kerk

Sappemeer 1974-1979

DuifAan het einde van een breed pad rijst de doops­gezinde kerk in Sappemeer als een tempel op. Een bordes leidt naar de voordeur en de voorgevel wordt be­kroond door een Griekse daklijst met daarboven een loos to­rentje. Een deel van de gevel gaat schuil achter een fraaie treurwilg. Kerk en wilg zijn waarschijnlijk even oud, uit 1847. Lees verder

41. Het veen knalt!

Sappemeer 1974-1978

dwaallichtenIn de 16e eeuw werd begonnen met de vervening van het Sappe­meer. Drie eeuwen later was het veenmoeras her­schapen in land­bouw­grond. Eerst bracht het turf voort, daarna graan en aard­appelen. De middeleeuwse witte wieven, dwaal­lichten en weer­wolven waren verdwenen. Waarheen? Lees verder

40. Croonhoven

Sappemeer 1974-1978

CroonhovenIn de 17e en 18e eeuw bouwden verveners hun mooie buitens, de zogenaamde veenborgen, langs het kanaal van Sappe­meer. Er werden grote tuinen naar de eisen des tijd aangelegd en het geheel kreeg een trotse naam. Begin 19e eeuw zijn de meeste veenborgen gesloopt en de tuinen gekapt of ver­waar­loosd. Bij de woon­uitbrei­dingen van de 20e eeuw kwamen sommige namen weer in omloop voor straat, gebouw of begraaf­plaats. Lees verder

39. Pas op voor de hond

Sappemeer 1974-1978

PittiehondOnze kleine zwarte kefhondje was een oud honden­baasje gewor­den. Hij kwam nauwelijks de tuin meer uit. Meestal lag hij op zijn vaste plekje in de woonkamer of keuken en volgde mijn gangen.

In de tijd voor Pasen besloot ik met de oudste kinderen van de kinder­dienst een paasmaaltijd te houden. Ik wilde via het joodse Pascha ons avondmaal duidelijk maken. Niet het Pascha navieren, maar laten zien wat er gegeten werd. Er was die zondag geen dienst, dus wij hadden extra tijd. Thuis had ik alles klaargemaakt en terwijl mijn assistenten de tafel klaarmaakten, haalde ik de eetwaren uit onze keuken. Lees verder

38. De hoofdprijs

Sappemeer 1974-1978

duizend guldenOp een avond gaat de telefoon. Zr. S.* wil morgen graag op de koffie komen. Zij heeft met ons beiden wat te bespreken. Het is dringend! Leo heeft een andere afspraak, maar kan die wat verschuiven. Zr. S. is een oudere weduwe en een zeer trouw ge­meente- en zuster­kringlid. Zij woont op een kleine boven­woning en heeft een pensioen van de Spoor­wegen. Wij vra­gen ons af wat er aan de hand is. Haar stem klonk opgewon­den, maar niet treu­rig. Wij ver­onder­stellen dat zr. S. gaat her­trouwen.

Lees verder

37. Een lesje Gronings

Sappemeer 1974-1979

Doopsgezinde pastorie SappemeerIn Groningen wordt Gronings gesproken en dat was voor ons even wennen. Leo, die meer taalgevoel heeft dan ik, legde mij uit dat het verschil met het Nederlands vooral zat in de uit­spraak van de lange klinkers. Dus ‘aa’ wordt ‘oa’ (maag – moag), ‘oe’ wordt ‘ou’ (goed – goud) en ‘ee’ wordt ‘eu’ (veel – feul). De z en v worden net als in het Fries de harde s en f. Lees verder

36. Het uiterlijk van de gemeente

Sappemeer 1974-1979

CroonhovenVooral in een kleine plaats wordt een kerkelijke ge­meente beoor­deeld naar het uiterlijk van kerk en pas­torie. In Sappe­meer zijn de doopsgezinden van oor­sprong een boeren­gemeente, aangevuld door een aantal burgers en zaken­lieden.

Voor onze komst had de pastorie bijna twee jaar leeg­gestaan en waren twee hevige stormen over het Gro­ningse land ge­trokken. De tuin rond kerk en pastorie was deerlijk gehavend en de langdurige leegstand hadden het huis een onverzorgd uiterlijk gegeven. De doops­gezinden werden door hun plaats­genoten al aangespro­ken over de aanblik van hun kerkterrein. Lees verder